KRANTEN berichten m.b.t. de moord op Alan

 Terug naar kranten knipsel overzicht  <<<

 

Artikel uit Haagsche Courant van 07-09-2002                 'Dader krijgt alle ruimte, waarom slachtoffer niet?'

 

 

door Melchior Zeeman  Spreekrecht nabestaanden slachtoffer

Een vorig jaar afgekeurd wetsvoorstel van D66 voor spreekrecht van slachtoffers van misdrijven in de rechtszitting krijgt een herkansing. De partij heeft een bondgenoot gevonden in de LPF. Maar niet iedereen is voorstander van dat spreekrecht, de emoties zouden de rechter wel eens kunnen be´nvloeden.
 

DEN HAAG | Ferme voorstanders en felle tegenstanders kenmerken controversiŰle thema's. Zo ook in de discussie of slachtoffers van ernstige misdrijven hun relaas mogen houden in de rechtszaal, zoals de LPF en D66 maandag in een initiatiefwetsvoorstel hebben bepleit.
De voorstanders zijn in de meerderheid. De tendens dat er meer aandacht komt voor het slachtoffer van een misdrijf, is al enige jaren waarneembaar.
De Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten, bij monde van secretaris mr. P.W. van der Kruijs, is tegenstander van het voorstel in zijn huidige vorm. "Er is de laatste tijd veel aandacht voor het slachtoffer van een misdrijf. Maar zoals het strafproces nu in elkaar zit, ben ik geen voorstander van officieel spreekrecht voor het slachtoffer".
Het strafproces is nu helemaal gericht op het straffen van de dader, betoogt Van der Kruijs. "De officier van justitie vertegenwoordigt de samenleving die tegen plegers van misdrijven moet worden verdedigd en de door hun daden ontstane onrust in de maatschappij wegnemen. Het slachtoffer is daarvan ook een onderdeel. Zo werkt het strafproces nu".
"Dat mag je best veranderen door in plaats van de nadruk op het wegnemen van de onrust, de genoegdoening van het slachtoffer voorop stellen. Maar dan moet de strafprocesgang ook veranderen. Daar wordt overigens al op gestudeerd, op meer aandacht voor het slachtoffer", zegt Van der Kruijs.
Maar het huidige voorstel kan zijn goedkeuring niet wegdragen. "Dat is van een soort hapsnap-beleid, waarmee ik het niet eens kan zijn. Er staan nog een heleboel vragen open. Mag de verdediging het slachtoffer ondervragen, of mag er een onderzoek worden gedaan naar de geestelijke toestand van het slachtoffer, als zou blijken dat daaraan wat schort? Wat is de juridische status van het relaas van het slachtoffer? Dat is allemaal niet duidelijk in dit voorstel", zo somt Van der Kruijs zijn bezwaren tegen het wetsvoorstel op.
Bovendien leeft bij rechtskundigen de vrees dat hevige emoties (denk bijvoorbeeld aan het verhaal van een moeder van een jong meisje dat misbruikt is) de rechter zodanig zullen be´nvloeden, dat er een rechtsongelijkheid optreedt. Wie het zieligste verhaal vertelt, maakt kans op succes bij de rechter. Terwijl onder gelijke omstandigheden gelijke straffen moeten worden opgelegd, een grondbeginsel van de rechtstaat waaraan niemand wil tornen.
Het voorliggende wetsvoorstel is een ingekrompen versie van een vorig jaar al ingediend voorstel van D66-Kamerlid Boris Dittrich. In zijn oorspronkelijke voorstel was er een rol voor het slachtoffer of de benadeelde in elke rechtszaak weggelegd. Daarvoor is geen politieke steun gevonden. Ook de Raad van State, het hoogste rechtscollege in Nederland, en de Orde van Advocaten hebben het voorstel vorig jaar afgewezen. De Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak stemde wel in met het aanvankelijke voorstel van Dittrich, zij het met enkele aantekeningen. Een van de voorbehouden die de vereniging heeft gemaakt, betreft het indertijd ontbreken van een inperking van het soort misdrijven waarbij een slachtoffer het woord mag voeren. Aan die onduidelijkheid maakt het nieuwe voorstel een einde. Dit nieuwe voorstel betreft spreekrecht voor slachtoffers, of hun nabestaanden, van ernstige zaken zoals moord, doodslag, mishandeling met zwaar letsel en zedendelicten.
Het Landelijk Bureau Slachtofferhulp heeft zich uiteraard in het kamp van de voorstanders van het voorstel geschaard. "Wij hebben al een proef genomen in delen van het land. Slachtoffers hebben schriftelijk verslag mogen doen van hun ervaringen. Daarvan is de uitkomst positief, het slachtoffer krijgt wel een vorm van genoegdoening door de mogelijkheid het woord te voeren, wat weer bijdraagt aan de verwerking van de vaak traumatische gebeurtenissen", zegt woordvoerder Sjoerd Beumer van Slachtofferhulp.
Toch mag het relaas van het slachtoffer geen invloed hebben op het besluit van de rechter noch op de daaruit voortvloeiende straf, meent Beumer. Dit is een algemeen erkend euvel in de plannen van D66 en LPF, onderkend door zowel voorstanders als tegenstanders.
Maar dat de stem van het slachtoffer wordt gehoord, vindt Beumer niet meer dan terecht, want de aandacht ligt nog te zeer bij de dader. "Die wordt uitvoerig gehoord, maar waarom het slachtoffer niet?" 

Partijen welwillend maar afwachtend

Een ruime meerderheid in de Tweede Kamer is er in principe voorstander van om de rechten van slachtoffers te versterken in het strafrechtproces. Het voorstel van Dittrich (D66) en Schonewille (LPF) kan dan ook rekenen op een welwillende ontvangst.
CDA en VVD, coalitiepartners van de LPF, zijn beide voorstanders van een sterkere positie voor het slachtoffer. "We staan er welwillend tegenover", stelt VVD-Kamerlid Cornielje. "Maar we kunnen pas een echt oordeel geven als het wetsvoorstel er ligt".
Spreekrecht voor het slachtoffer in ernstige zaken kan ook risico's met zich meebrengen, denkt Cornielje.
"Het kan behoorlijk bedreigend zijn om de confrontatie met de dader aan te gaan. Bovendien kan het zo overkomen dat als het slachtoffer niet spreekt 'het wel mee zal vallen'. Dat brengt een verkeerde dynamiek op gang", aldus de liberaal.
Ook het CDA is weliswaar in principe voorstander van een sterkere positie voor het slachtoffer in het strafprocesrecht, maar wil de nadere voorstellen afwachten, net als de VVD.
Kamerlid Albayrak (PvdA) juicht het voorstel van oppositiegenoot D66 toe. "Wij steunden het eerste voorstel een jaar geleden ook al. Volgens ons moet het slachtoffer centraler worden geplaatst tijdens het proces. We moeten goed kijken hoe een en ander vorm wordt gegeven, maar we erkennen het recht van het slachtoffer".

 

Voorstel te laat voor de ouders van vermoorde Alan en Daan

HAAG | Voor Martin en Irene Roos, de ouders van de op 14 mei 2000 waarschijnlijk in Loosduinen op 31-jarige leeftijd vermoorde Alan, komt het wetsvoorstel van de Tweede-Kamerleden Schonewille (LPF) en Dittrich (D66) te laat. Ze zouden in de strafzaak tegen Kobus en Tommix, de twee verdachten, zÚker van zo'n 'spreekrecht voor slachtoffers' gebruik hebben gemaakt als dat er al was geweest. Om h˙n mening te kunnen geven en om hun hart te kunnen luchten. Martin Roos: "We hebben twee keer verzocht een verklaring te mogen afleggen, de eerste keer in 2001, toen de zaak door de Haagse rechtbank werd behandeld en nu weer in hoger beroep bij de het gerechtshof. De rechters hebben het in beide gevallen afgewezen". Soortgelijke verzoeken van de moeder van Daan de Blok, de 22-jarige Hagenaar die samen met Alan werd vermoord, werden eveneens afgewezen. Bij de eerste rechtszaak besloot de officier van justitie toen maar als alternatief enkele citaten voor te lezen uit de brieven, die de moeders hadden geschreven. De brieven zelf mochten aan de rechters worden overhandigd. Ook bij het hof, waar het hoger beroep donderdag wordt afgerond, mogen de moeders hun brieven slechts inleveren bij de rechters. Roos veronderstelt dat de rechters bang zijn voor emotionele toestanden als de nabestaanden in de rechtszaal het woord zouden mogen voeren. "Maar ik wil gewoon op een normale manier zeggen wat die twee hebben aangericht en duidelijk maken dat wij ervan overtuigd zijn dat ze de moordenaars zijn".